Stichting Annemie en Helmuth Wolff


In 1933 was de Joodse architect Helmuth Wolff met zijn niet-Joodse vrouw Annemie Wolff-Koller naar Nederland gevlucht. Zij woonden korte tijd in Laren waar een oom van Helmuth – de schrijver Georg Hermann - zich kort tevoren gevestigd had. Daarna betrokken zij een appartement op de Amsterdamse Stadionkade, om in 1935 aan de Noorder Amstellaan te gaan wonen, de huidige Churchill-laan.

Op 15 mei, na de capitulatie van het Nederlandse leger en het begin van de bezetting, deden Helmuth en Annemie een poging tot zelfmoord. Helmuth overleed, maar Annemie wordt op tijd gevonden. In de jaren daarna werkte ze niet meer voor de gemeente Amsterdam, wel werkte ze voor Nederlandse tijdschriften. Begin 1943 begon zij met het maken van fotoportretten en startte ook een kasboek waarin zij namen, adressen en de ontvangen bedragen bijhield. Haar klanten kwamen vooral uit Amsterdam-Zuid. Zij kon als niet-Joodse vrouw redelijk ongestoord doorwerken, terwijl in de buurt steeds meer mensen verdwijnen, op transport naar de kampen of in de onderduik.

Na de oorlog maakte Annemie Wolff een grote reis naar de Verenigde Staten. En zij pakte haar werk voor het havenbedrijf en Schiphol weer op. Ze maakte tot in de jaren vijftig nog portretfoto’s, maar vooral van vrienden en bekenden. In 1950 werd ze Nederlands staatsburger.

In 1963 maakte de Vereeniging de Amsterdamsche Haven met een kort briefje een einde aan de jarenlange werkrelatie, waarna Annemie het gerucht verspreidde dat zij al haar negatieven had vernietigd. Daarmee voorkwam zij dat de gemeente en de Vereniging de Amsterdamse Haven nog bestellingen bij haar plaatsen. Toen zij 65 werd, hield zij op met fotograferen.

Het archief

Na haar overlijden in 1994 kwam Annemie's nalatenschap terecht bij Monica Kaltenschnee, de kleindochter van haar overleden vriendin en achterbuur, die tot het einde voor Annemie heeft gezorgd. Bij haar in Haarlem bevinden zich nu de goedbewaarde negatieven en dia's, meer dan 50.000, boeken en documenten.

Een kleine 300 naoorlogse originele afdrukken zijn bewaard gebleven bij het Scheepvaartmuseum in Amsterdam. Het museum wijdde er in 2003 een expositie aan. Nu blijkt dat het oeuvre niet geheel is verdwenen, is het mogelijk het archief te conserveren en de duizenden foto's te beschrijven.

De fotohistorie

Annemie en Helmuth Wolff maakten vanaf halverwege de jaren dertig foto's voor Vereeniging de Amsterdamsche Haven (voorloper van het Gemeentelijk Havenbedrijf/Amports), voor Schiphol en de KLM en voor een aantal grote bedrijven in en om de haven. Zij leverden ook het belangrijkste fotowerk voor de promotiebrochures die grafisch ontwerpster Fré Cohen produceerde voor Schiphol en de haven.

Voor buitenlandse persbureaus produceerden zij reisreportages. Buitengewoon sfeervol zijn de opnamen van de klederdrachten in Volendam, Marken en Zeeland.

In 1937 en 1938 reisde het echtpaar naar Noord-Afrika. Van deze reizen zijn een groot aantal bijzondere zwart/wit afdrukken bewaard gebleven.

De architect

In de nalatenschap van Annemie en Helmuth bevindt zich een architectuurtijdschrift uit het jaar 1928, Neuzeitliche Bauformen, dat geheel gewijd is aan het werk van Helmuth als architect in München. Het werk van de nog jonge bouwmeester wordt lovend besproken.

Op 33-jarige leeftijd had Helmuth Wolff al spraakmakende villa's op zijn naam staan en een aantal woonblokken in de stijl van De Nieuwe Zakelijkheid. Door de economische crisis was er daarna minder werk. Toen in 1933 de Nazi’s de macht overnamen, werd al snel een arrestatiebevel tegen Helmuth uitgevaardigd. Zijn bezit achterlatend, vluchtte met hij met zijn nieuwe liefde – Helmuth en Annemie waren in 1932 getrouwd - naar een nieuw bestaan in Amsterdam. Hij zou nooit meer als architect werken. Zijn woningen bestaan nog steeds, in München, maar over de architect is nauwelijks iets terug te vinden.

Het jaar 1943

De portretten die Annemie in 1943 maakte in haar studio van Amsterdam Zuid zijn bijzonder. Veel mensen dragen een Jodenster. Echter lang niet alle geportretteerden zijn Joods en lang niet alle Joden dragen de ster. Waarom zouden mensen die foto’s hebben laten maken? Annemie Wolff heeft na de oorlog nooit over het bestaan van deze foto’s gepraat. Door uit te zoeken wie wie is en contact te leggen met de gefotografeerden of hun nabestaanden, proberen de onderzoekers Tamara Becker en An Huitzing zich een beeld te vormen van het hoe en waarom van deze foto’s.

Amsterdam foto's

Annemie Wolff heeft in opdracht van Schiphol en de Amsterdamse Haven de herbouw van de verwoeste luchthaven vastgelegd en de nieuwe naoorlogse uitbreidingen van maritiem Amsterdam.

Wanneer Ytzen Brusse in 1949 zijn bekroonde film "Parlevinkers" draait is Annemie aanwezig om de stills te maken. Haar verbintenis met de Vereeniging de Amsterdamsche Haven duurt tot het jaar 1963. Haar fotografie, die werd gebruikt in de publicaties en exposities van de vereniging was jarenlang beeldbepalend voor de Amsterdamse haven.